+31610957015 coendewit@gmail.com

Duatlon Dordrecht

Duatlon Dordrecht

Dordrecht bikeNa Hilversum mocht ik in Dordrecht deelnemen aan de tweede wedstrijd uit het duatloncircuit. Met vier weken meer training in de benen voelde ik me een stuk sterker én ik kon voor het eerst mijn nieuwe fiets in een wedstrijd gebruiken.

De reis verliep voorspoedig op een klein hikje na van het navigatiesysteem dus lekker op tijd aanwezig, ongeveer anderhalf uur. De eerste stap uit de auto was gelijk in de modder, dus ik bereidde me voor op het ergste. Bij het inschrijven ging het wel mis. De organisatie had vergeten de laatste pagina af te drukken van de deelnemers. Hierdoor hadden alle deelnemers achter in het alfabet een probleem. Met m’n iPhone in de hand kon ik de betaling laten zien en mijn NTB-nummer, die ik gelukkig online in de wolken heb staan. Wel een ander startnummer, wat ook betekende dat ik helemaal achterin parc fermé m’n fiets kon stallen. Rennen met fiets duurt aanzienlijk langer dan zonder, zeker de tweede wissel waar de trappers niet tegengehouden worden door een elastiekje en ik het achterwiel moest optillen om de enigszins meedraaiende trappers niet met de grond in aanraking te laten komen.

Omdat we zo vroeg waren kon ik een stuk van het parcours verkennen. Achteraf had ik tijd genoeg om het hele rondje te rijden, maar op de fiets durfde ik het niet aan om niet in tijdsnood te komen. Vervolgens kwamen we, Jannemien, Jasmijn en ik Ronald en Sandra tegen. Sandra had al samen met Ronald een rondje ingelopen, maar Ronald wilde nog wel een rondje met mij lopen. Via het toilet ging ik naar het startvak.

De start was zoals verwacht weer snel. Iedere wedstrijd tot nu toe startte hard en in iedere wedstrijd raap ik na een paar kilometers de snelle starters wel weer op. Dus zonder angst laat ik ze lopen, hoewel het dit keer een vrij grote groep was die vooruit ging. Dat en de hoeveelheid onbekende Belgen die ik zag tussen de inschrijvers gaf mij niet het gevoel dat ik mee ging doen voor het podium. Ik heb me vervolgens vooral gericht op mijn eigen race.

De wissel ging goed, hoewel ik vergat mijn bandje van de helm dicht te maken en met de fiets in de hand even gestopt ben om geen straf te krijgen in het wisselvak. Na de straf voor een een te vroeg geopend bandje in Hilversum neem ik geen risico meer.

Op de fiets zat ik iets achter Erik van de Heijden. Heel langzaam liep ik op hem in. Eerst kwam er een motor van de wedstrijdleiding voor me rijden. Op het stuk waar we de wind mee hadden remde de motor hard waardoor ik voor hem moest remmen. Erg slordig, met als gevolg dat Erik ineens een stuk verder weg was. Niet veel later, de motor was weliswaar weg, stak er onder toezicht van parcourswachters een fietser over in een bocht naar links. Nu werd ik boos en schreeuwde ik de vrouw iets onaardigs toe. Erik was nu ineens bijna buiten zicht! Mokkend ging ik verder, nu tegen de wind in. De wind is vandaag iets om serieus rekening mee te houden. Vol wind voor of vol wind tegen is plezierig of zwaar, maar vol opzij met windstoten is vooral gevaarlijk en dus goed oppassen. Ik denk dat iedereen vandaag een paar flinke zwiepers gemaakt heeft, vooral na het passeren van het boerderijtje met de wind van links.
De tweede wissel ging net als eigenlijk alle wissels van de dag soepel. Ik heb zelfs de fiets netjes in de vertrekrichting opgehangen.

Tijdens het lopen had ik Erik wel snel weer in het vizier en hij leek stil te staan. Na afloop bleek dat hij niet alleen uit zicht verdween door de akkefietjes die ik beleefde maar ook omdat hij de anderen bijhaalde waardoor hij zich uit de wedstrijd fietste. Tijdens het lopen zag ik Armand weer, maar hij liep nog behoorlijk ver voor me. Nog steeds had ik geen idee hoe de wedstrijd verliep. Ik dacht, omdat ik Armand weer zag, dat hij gelost was door de jonge jongens. Hij liep toen op de tweede of derde plek met Wim Nieuwkerk voor hem.

De tweede keer fietsen deed ik het in de eerste ronde wat rustiger aan zonder dat daarvoor een directe aanleiding was. De start van de tweede run viel me tegen, vooral het idee dat ik nog niet eens op de helft was en al pijn had was tegenvallen. Mogelijk dat dat door mijn hoofd ging en ik de laatste run niet wilde stilvallen. Als klap op de vuurpijl had ik nog een bijna-aanrijding met een auto. Die zag ik pas heel laat in een blinde bocht naar rechts. Bij het insturen reed hij tegemoet en moest ik in de bocht in de remmen. De hartslag was even maximaal… Tijdens die eerste ronde kreeg ik toch nog in de verte een koppel in de gaten: Gerben en Armand. Wat harder opviel is dat ik dichterbij kwam. De tweede ronde heb ik iets meer druk op de pedalen gezet zonder te verzuren of me over de kop te rijden en ik kwam sneller dichterbij. Ik had net te weinig tijd om aansluiting te krijgen.

Bij het binnenrijden van het parc fermé zag ik Armand weglopen, Gerben was iets trager met het wisselen. Ronald kwam nog bij uitgaan van parc fermé even aanmoedigen en schreeuwde dat ik vierde lag. Huh, vierde?! Dat is verrassend! De radartjes begonnen direct te werken: vierde is hout, kan ik het gat nog dichten om vervolgens de sprint te winnen, één plekje verder is nog steeds tweede op het M40 podium, zit er nog iemand vlak achter me (nee). Ik besloot het tempo vast te houden en te kijken of er voor me nog iets gebeurde. Na een kilometer was er nog niets veranderd en dat vroeg om een laatste inspanning. Ik verhoogde het tempo en ik merkte dat ik dichterbij kwam maar tegelijkertijd was het te zien dat ik  niet snel genoeg naderde. Het laatste rechte stuk naar de finish was het definitief en moest ik mijn verlies nemen. Het verlies dat voor het nieuws dat ik vierde lag nog winst was…

Het gevoel was dubbel: tijdens de wedstrijd bekroop het gevoel me dat het niet mijn wedstrijd werd vanwege de pech en net buiten het overallpodium, vierde is net niets. Maar positief was de verbetering ten opzichte van Hilversum. Dat was te verwachten met 6 weken voorbereiding in plaats van 2 voor Hilversum. Maar positiever stemde me het fietsonderdeel: ik lijk nu mee te kunnen met de mannen voorin!