+31610957015 coendewit@gmail.com

World Games Cali

World Games Cali

Cali, juli 2013

Uithijgend, overlopend van adrenaline, besef ik dat mijn sportieve loopbaan niet mooier kan worden dan deze deelname aan de wereldspelen. In een overladen stadion met een uitzinnig publiek kijk ik samen met de andere deelnemers van de Nederlandse delegatie naar de resterende landen die binnenkomen voor hun paraderonde door het stadion tijdens de openingsceremonie, met als afsluiter gastland Colombia.

De aanleiding

Twee maanden voor deze opening won ik mijn eerste duatlon. Door mijn snelle progressie het afgelopen jaar was ik opgevallen bij de bondscoach, Armand van der Smissen. Van der Smissen kwam in de gloriejaren van Ciko zelfs voor Ciko uit in de competitie. Hij vroeg me na de wedstrijd of ik geÔnteresseerd was om deel te nemen aan de World Games. Op dat moment was het me niet duidelijk wat dat precies inhield. Het bleek te gaan om een internationaal evenement dat eenmaal in de vier jaar wordt gehouden, het jaar na de Olympische Spelen, voor sporten zonder Olympische status. Na een korte maar heftige overweging van enkele dagen was het een volmondig ja!

Nog voor de wedstrijd heeft plaatsgevonden weet ik dus al dat ik mijn sportieve hoogtepunt aan het beleven ben. De afgelopen dagen waren ook helemaal nieuw voor me. Vanaf het moment dat we de Colombiaanse grond betraden kregen we een voorkeursbehandeling: de deelnemers van de wereldspelen mochten via een versnelde rij naar de douane. De organisatie zorgt er verder voor dat je niets tekortkomt: hotels, begeleiding, vervoer, bewaking, etc. Dat laatste lijkt niet nodig omdat ik me geen moment onveilig voel, maar de dagelijkse busritjes van het hotel naar de catering worden begeleid door politiemotoren voor en achter, bewapende beveiliging in de bus en iedere rit een andere route. Ook voor de atletenhotels staat altijd een handvol bewapende agenten. Colombia kan zich blijkbaar geen negatieve publiciteit permitteren. Naast de organisatie die in alles probeert te voorzien, is het enthousiasme van de Colombianen overweldigend. In het begin is het wat ongemakkelijk, maar na een paar dagen wordt het uitdelen van handtekeningen en op de foto gaan met Colombianen een dagelijks ritueel.

De opening

Vandaag, donderdag 25 juli, is de openingsdag van de wereldspelen en we worden al vroeg in de middag vervoerd naar het stadion waar alle deelnemers zich voor de openingsceremonie zullen verzamelen. Rondom het stadion blijken de toegangswegen al afgesloten te zijn met hekken waarachter rijendik al mensen staan te wachten om iets van de opening op te vangen. Eenmaal aangekomen blijven we in het ongewisse wat er staat te gebeuren, ook vooraf is de communicatie gebrekkig. Het blijkt dat er een heuse landenparade is en van de deelnemers verwacht wordt een ronde door het stadion te lopen. Pas laat krijgen we in de gaten hoe groots dit is aangepakt als we de uitzending kunnen zien op een tv. Opeens maakt het lange wachten in onzekerheid plaats voor enthousiasme. Nog voor we in de catacomben van het stadion terechtkomen worden we luid toegejuicht vanaf de straat waar honderden en honderden Colombianen staan. Vanaf dat moment lijken we in een roes te verkeren. Zelfs de meest nuchtere Hollanders gaan uit hun dak als ze het stadion inlopen. Duizenden supporters zijn een geweldig feest aan het vieren en wij mogen daar deelgenoot van zijn. Camera’s vliegen voorbij, wat indruk maakt, maar vooral het enthousiasme van het publiek is aanstekelijk. Het reageert op alles wat we doen, van rennende high fives tot mini-waves die we vanaf de baan inzetten worden massaal beantwoord. Na afloop van onze ronde is iedereen helemaal hyper en lijken we nog niet te beseffen wat we net hebben meegemaakt. Als laatste land gaat Colombia rond en het uitverkochte stadion lijkt dan te exploderen. Als de Colombiaanse president en Jaques Rogge hun woordje doen dwalen mijn gedachten af naar de haast onwerkelijke belevenis van vlak daarvoor. Vervolgens wordt een prachtige show met veel spektakel en opzwepende muziek afgesloten met groot vuurwerk. Eenmaal terug in het hotel blijkt niemand te kunnen slapen na deze onverwacht mooie ervaring.

De wedstrijd

Zaterdagochtend mogen wij om negen uur aantreden voor de wedstrijd. Het is al vroeg benauwd warm en de temperatuur zal snel oplopen tot bijna dertig graden. Het parcours dat we een aantal dagen geleden hebben verkend ligt er nu nog mooier bij en de wisselzone is bekleed met blauwe matten, zoals ik herken van de Olympische Spelen. Ik ben onder de indruk. De plek waar mijn fiets moet staan is voorzien van een bord met mijn naam en startnummer. De incheckprocedure verloopt enorm soepel en al vroeg kan ik beginnen met de warming-up. Vlak voor de wedstrijd begint mogen we plaatsnemen op onze startpositie en worden we één voor één voorgesteld.
We starten, niet volgens Colombiaans gebruik, precies op tijd. De start is zoals verwacht hard en al gauw beland ik in de achterste regionen van het veld. Dit is volgens verwachting omdat het loopniveau erg hoog is: de top loopt onder de dertig minuten in het eerste looponderdeel van tien kilometer. Vandaag gelukkig niet, omdat de omstandigheden: warmte, hoogte en luchtvochtigheid, dat niet toelaten. Aan het einde van het looponderdeel zit ik vlak achter de tweede Nederlander en op de fiets haal ik hem snel bij. Maar ondertussen komen de andere Nederlanders ook snel dichterbij en al gauw vormen we een flinke groep. In deze wedstrijd mag gestayerd worden en in de groep werken wij Nederlanders goed samen. Een aantal anderen wil niet overnemen. We proberen verschillende keren weg te komen, helaas zonder succes. Halverwege het fietsonderdeel, na twintig kilometer, merk ik dat ik na iedere bocht meer kramp in mijn kuiten krijg. De laatste wedstrijden was ik helemaal van dat ongemak af, maar juist hier speelt het weer op. In de laatste fietskilometers zie ik een goede klassering niet meer gebeuren en besluit ik me leeg te rijden voor het team om hen af te kunnen zetten bij een groep voor ons. Het lukt me net niet om ze helemaal terug te brengen, maar nog net voor de wissel sluiten ze aan. In de wisselzone moet ik even wandelen en rekken om weg te kunnen komen, ik ben volledig verkrampt. Wat ik niet wil is een DNF achter mijn naam dus ik probeer de pijn te verbijten en loop rond in een tempo van vier minuten per kilometer. Na een kilometer lijkt het beter te gaan, maar zodra ik versnel schiet de kramp nu in mijn hamstrings. Vijf kilometer duurt in dit tempo erg lang, maar voortgestuwd door de onafgebroken aanmoedigingen loop ik de wedstrijd gelukkig uit. Helaas is het niet de prestatie geworden waarop ik hoopte en kon ik door de kramp niet laten zien wat ik kan.

Het is ondanks de tegenvallende wedstrijd een geweldige ervaring geworden, veel mooier dan vooraf verwacht. Ik was wel al ÈÈn van de oudste deelnemers. Over vier jaar, als de World Games zullen neerstrijken in Polen, hoop ik dat er een nieuwe lichting, met snelle jeugd zal starten. Daar waar de concurrentie in de atletiek moordend is, liggen er in de duatlonsport prachtige kansen!